Naam: Rogier
Studie: Bedrijfskunde
Leeftijd: 23 jaar
|
26-06-2006 - Varkens, alcohol en brak zijn - deel 2 De tweede fles ging ook op. Het liep tegen de avond. De zon stond niet meer zo hoog aan de hemel. De mensen gingen naar huis, het werd rustiger op straat en ik begon honger te krijgen. Erik wist nog een leuk restaurantje en stelde voor daar een daghap te gaan halen. Toen ik opstond steeg de rosé meteen naar mijn benen. Even had ik moeite om rechtop te blijven staan. Hopend dat de mensen niet aan me konden zien hoe aangeschoten ik was zwalkte ik naast Erik richting de Mariaplaats. In het restaurantje bestelde Erik de varkensoester. Zelf nam ik de vegetarische quiche. Bij de maaltijd dronken we voor de variatie rode wijn.
"En waar gaan we vanavond naar toe", vroeg Erik terwijl hij een hap van zijn varkensoester nam. "Hoezo, waar gaan we naar toe", vroeg ik argwanend. Ik was ondertussen behoorlijk aangeschoten en wou na het eten het liefste naar mijn bed toe. Erik negeerde mijn wedervraag en gaf zelf het antwoord op zijn eigen vraag: "We gaan vanavond naar een underground electro party in Amsterdam." "Moet dat nou echt", vroeg ik vermoeid. Ik had al moeite om in een rechte lijn naar de wc te lopen. Vanaf Utrecht naar Amsterdam leek me echt een brug te ver. Ik nam nog maar een slok wijn. "Het feest is in een parkeergarage net buiten de stad", zei Erik smalend, "en ik zie aan je dat je liever naar bed wil". Ik knikte gedwee. "Maar dat kan ik helaas niet toestaan. Tenzij er een lekkere kerel met een buikje waar je kaas op kan raspen en een pik van tenminste dertig centimeter in je bedje op je ligt te wachten heb je helemaal niets in dat bedje van jou te zoeken." Erik nam even pauze om een slok wijn te wijnen. Hij keek me scherp aan. Ik twijfelde. Aan de ene kant wou ik naar bed om mijn roes uit te slapen. Aan de andere kant was ik ook wel nieuwsgierig wat die underground electroparty in een parkeergarage te bieden had. Uiteindelijk wist Erik me over te halen met een efedra en de belofte dat er alleen maar lekkere kerels zouden komen.
Een paar uur later stond ik ergens net buiten Amsterdam, in een smerige parkeergarage tussen de coke snuivende fashion victims en nichten in te strakke spijkerbroeken op hete beats de kou van de nacht weg te dansen. Het was fantastisch! Erik was ergens een donkere hoek ingedoken met een Amerikaans echtpaar. Het Amerikaanse echtpaar kwam uit Texas en was naar Nederland gekomen om de bloemetjes eens lekker buiten te zetten. Hij werkte als accountant bij een grote firm, was overtuigd christen en wou wel eens weten hoe het was met een man. Zij had te dikke tieten, lachte te veel en deed er eigenlijk niet toe.
De beats drumden door mijn hele lichaam. Alles was een waas. Ik danste alsof mijn leven er vanaf hing, vastbesloten ze in dat godverdomde Amsterdam eens te laten zien wat een feestje was. Ik was gelukkig. Daar alleen op de dansvloer, in een smerige parkeergarage, omringd door vreemden, helemaal alleen, was ik gelukkig. Gelukkig van de drank waarvan ik zo'n moeite had om er vanaf te blijven, gelukkig van de drugs die ik mezelf beloofd had nooit te nemen, gelukkig van de adrenaline die me op de been hield. Alleen op de dansvloer omringd door vreemden die net zo gelukkig en los van de realiteit waren als ik.
... wordt vervolgd...
Gepost door: op 26-06-2006 om 21:00
|
|
21-06-2006 - Varkens, alcohol en brak zijn - deel 1 "En toen moest die meid de hele vakantie beren aftrekken." "Beren", vroeg ik ongelovig. "Ja, mannetjesvarkens! Ze had uiteindelijk een vakantiebaantje gevonden op een varkensfokkerij. Ze moest mannetjesvarkens, beren dus, aftrekken en het sperma opvangen in een bekertje. Dat sperma werd dan gebruikt voor inseminatie van de vrouwtjes. Ze kreeg er 20 euro per uur voor."
Dat was nou typisch mijn beste vriend. Hij heette Erik en we waren al 4 jaar bevriend. Ik had hem leren kennen op het feestje van Tanja. Erik studeerde "MER". Mij werd nooit echt duidelijk wat dat nou voor studie precies was. Ik vroeg me sterk af of Erik het zelf wel wist. "Uiteindelijk trouw ik toch met een rijke kerel", was steevast zijn antwoord als ik naar zijn studie vroeg. Erik was mijn beste vriend van de hele wereld en kon de smerigste verhalen van iedereen vertellen.
We zaten in het zonnetje op het terras aan de oude gracht. Het was zaterdagmiddag en heerlijk weer. Erik had mij opgebeld en bevolen om naar het terras te komen. Hij had een heerlijk plekje weten te bemachtigen aan het water en ik moest met hem meegenieten. "Thuis zitten is voor sukkels", had hij aan de telefoon als argument aangevoerd. We waren begonnen met koffie en een appelbeignet. Erik at zijn appelbeignet helemaal op. Ik liet de mijne liggen. Na het varkensverhaal had ik niet zo'n trek meer. Ik vroeg me sterk af of mijn eetlust na het varkensverhaal überhaupt nog terug zou komen. "Ik ken trouwens nog een smeriger verhaal", riep Erik plotseling uit, die blijkbaar een ingeving kreeg. Ik maakte hem duidelijk dat ik genoeg vieze verhalen had gehoord voor vandaag.
Na de koffie en de appelbeignet was het volgens Erik tijd voor wijn. "Laten we maar meteen een flesje bestellen", opperde hij. Ik zag aan hem dat het geen zin had om tegen te stribbelen. En waarom zou ik ook? Het was zaterdagmiddag, het was lekker weer en ik had geen verplichtingen meer die dag. Het was een drukke week geweest op stage. De directeur van de afdeling was de hele week met zijn assistant (secretaresse) op 'congres' in Breda. Ik had zijn vrouw al een paar keer aan de lijn gehad met de vraag wat voor congres het nou was waar haar man de hele week naar toe moest. "Sorry mevrouw, daar heb ik geen informatie over. Dat kunt u het beste aan uw man vragen als hij weer terug komt", had ik geantwoord. Natuurlijk wisten zij en ik dondersgoed naar wat voor congres hij toe was. Het soort congres waar werk niet voor het meisje gaat. De hele week moest ik telefoontjes aannemen en tegen allerlei mensen die zichzelf belangrijk vonden vertellen dat onze directeur pas weer de week daarop bereikbaar zou zijn.
Een wijntje op het terras was wel het minste wat ik na zo'n drukke week had verdiend. Het werd rosé. De zon brandde in mijn gezicht en ik werd langzamerhand rozig. Toen we de eerste fles rosé op hadden hief Erik zijn hand op om de tweede fles te bestellen. Ik vroeg me af of dat wel een goed idee was. Naast het feit dat ik al een beetje licht in mijn hoofd werd waren mijn financiële middelen nagenoeg uitgeput. Het liep tegen het einde van de maand en mijn stagevergoeding was nog niet binnen. "Ik betaal wel", riep Erik toen hij mij zag twijfelen. "Ik heb weer geld van Pappie gekregen."
Erik heeft het soort vader dat regelmatig naar congressen gaat met zijn secretaresse. Zijn vader is directeur van een groot multionational dat gereedschap maakt. Zijn moeder drinkt sherry en krijgt iedere maandag- en donderdagavond privé-les van de golfleraar. Wat Erik aan liefde en warmte thuis mis heeft gelopen wisten zijn ouders met geld ruimschoots te compenseren. Toch was Erik een sociaal en fijn mens geworden.
De tweede fles rosé arriveerde en Erik schonk met een zwierig gebaar twee glazen tot aan de rand vol. Toen ik een slok nam wist ik het meteen. Dit kon alleen maar verkeerd aflopen.
... wordt vervolgd ...
Gepost door: op 21-06-2006 om 23:00
|
|
20-06-2006 - Vriendschap Een vriendshap is als een schat. Als je de schat vindt is de beloning vaak groot. Mijn beste vriend is mijn schat. We zijn aan elkaar gewaagd en we zijn gelijkwaardig. Dat vind ik het het fijne van onze vriendschap. Ik hoef niet aardig te doen, ik hoef me niet beter voor te doen dan ik ben en als ik vervelend doe ben ik nog steeds zijn beste vriend. Hij is de enige die net zo veel bier kan drinken als ik. Hij is de enige die het volhoudt om net zo hard op stap te gaan als ik. Hij is de enige die ik ken waarvan zonder uitzondering iedereen zegt: "Oh hij, dat is toch die leuke jongen?" Hij is de enige die tegen mij duft te zeggen wat hij werkelijk van me vind. Dat vind ik vaak heel vervelend. Maar als je van iemand houdt, hoef je diegene niet altijd aardig te vinden. Dat is zo fijn aan onze vriendschap.
Vriendschappen beginnen vaak ongemerkt. Heel anders dan bijvoorbeeld verliefdheden. Tenminste zo gaat dat in mijn wereld. Als ik verliefd word op iemand is dat vaak op slag. Mijn hele wereld staat dan op zijn kop, ik kan aan niets anders denken en kom nergens meer toe. Ik ben niet vaak verliefd, maar als ik verliefd ben dan is het vaak goed mis. Verliefdheden bij mij zijn donderslagen bij heldere hemel. Vriendschappen beginnen daarentegen als een zachte motregen. Je merkt bijna niet eens dat het regent totdat je helemaal nat bent.
Mijn beste vriend leerde ik kennen op een feestje van een vriendin. Ik was strontlazarus. Hij was de enige op het feestje die net zo dronken was als ik en daarom begrepen wij elkaar. Met een dubbele tong vroeg hij aan mij waarom ik zo'n lelijke broek aan had. We waren niet meteen de beste vrienden, maar het op dat feestje begon het al zachtjes tussen ons te regenen. Aan het eind van de avond waren we als enige samen met onze gastvrouw over. We stonden op de tafel mee te brullen op "I will survive" terwijl onze gastvrouw half onderuitgezakt op de bank lag te slapen.
Onze vriendschap begon pas echt toen zijn relatie na vijf jaar tot een einde kwam. Zijn vriend had hem verlaten voor een of andere mislukkeling en ik zag dat hij een vriend nodig had. Een luisterend oor is wat je iemand op zo'n moment kan bieden.
Met whiskey en chocola probeerde ik hem er boven op te helpen. Hij is niet iemand die graag om hulp vraagt. Dat komt omdat hij zichzelf ziet als iemand die anderen helpt en niet andersom. Toch bleef ik langskomen met chocola en whiskey. Op een avond toen we aan het blowen waren en chickflicks keken zei hij tegen mij: "Rogier, jij bent mijn beste vriend." Daarmee was de zaak beklonken.
Ik ben altijd beter in vriendschappen geweest dan in relaties. In vriendschappen voel ik me minder onzeker. In vriendschappen hoef ik me niet druk te maken over hoe dik mijn buik is en of ik ook pukkels heb. Mijn moeder zegt dat je je daar in een goede relatie ook niet druk over hoeft te maken. Ik hoop dat ik dat ooit kan beamen. Maar tot die tijd heb ik liever een vriendschap.
Gepost door: op 20-06-2006 om 21:17
|
|
20-06-2006 - Waarheid en leugens. Er zijn mensen die veel waarde hechten aan de waarheid en er zijn mensen die waarde hechten aan een beetje lol in het leven. Ik zal maar eerlijk toegeven dat ik in de laatste categorie val. Ik heb veel bewondering voor mensen die altijd maar nastreven om een integer leven te leiden zonder leugens. Mensen die altijd maar vroom zijn, nooit een kwaad woord zeggen en je al helemaal geen rad voor de ogen draaien. Ongelooflijk vind ik dat ... en soms moeilijk te geloven.
Toen ik Daan leerde kennen woonde ik nog maar net in Utrecht. Via via waren we aan elkaar voorgesteld. We hadden op een warme zaterdagavond afgesproken op het neude voor de postbank. Een biertje op het terras en verder zien we wel was de afspraak. Het was stervensdruk in de stad, maar we wisten nog een plekje te bemachtigen op de oude gracht. We bestelden twee biertjes zoals afgesproken. Daan was 29, werkte in de sales, was lang en slank en had blond haar. Daan was het type dat viel in de categorie: lieve jongen. Hij was geinteresseerd en kwam over als een eerlijk iemand. Hij stelde vragen over mijn stage en mijn studie, vroeg zich af waarom een leuke jongen zoals ik nog steeds single was en was erg geinteresseerd in mijn visie op Madonna en de oorlog in Irak. Al met al was het een geslaagde date. Na iets te veel biertjes, het was ondertussen twaalf uur geworden, begon het koud te worden. Hij bood me zijn jas aan die veel te groot was en vroeg of ik nog even mee ging naar zijn huis. Dit leek mij een goed plan, want Daan was niet alleen een lieve jongen, maar ook nog een ongelooflijk lekker ding.
We fietsten hand in hand over de lege straat door de koude nacht. Ik was ongeduldig en hoopte dat ik snel in het warme bed van Daan lag. Daan woonde aan de rand van de stad en het was een klote eind fietsen. Na een half uur kwamen we eindelijk bij zijn huisje aan. Zijn huisje was niet echt noemenswaardig. Daan zijn lul daarentegen wel. De weken daarop belde Daan mij regelmatig op en ik kwam regelmatig bij hem langs. Het duurde niet lang of we liepen door de gamma nieuw behang voor zijn huisje uit te zoeken. Hier kreeg ik stress van. Het was alweer lang geleden dat ik iets serieus met een jongen had gehad. Ik had de afgelopen tijd heel wat slaapkamers van binnen gezien maar de affaires die daarop volgden duurden nooit langer dan een keertje naar de kroeg en een paar keer neuken. Daan had echter andere plannen.
Op een dinsdagavond zat ik naast Daan op de bank in een slobbertrui een bak ijs naar binnen te werken. Daan pakte mijn hand vast en keek me recht in mijn ogen aan. " Rogier", zei hij. Ik keek terug en wachtte en schrok van de blik in Daan zijn ogen. Ik wachtte angstvallig af. Dit kon twee kanten op gaan. Of hij ging het uitmaken, of hij ging me ten huwelijk vragen. Beide opties stonden me niet aan. "Rogier, ik wil graag eerlijk tegen je zijn. we zijn nu een maand bij elkaar en ik vind je heel erg leuk. Ik zou graag willen dat je mijn ouders ontmoet." Ik geloofde mijn oren niet. Het was een heel romantisch en ontroerend moment, maar ik schoot meteen in de stress. Mijn hart begon te bonzen, ik werd duizelig en kreeg bijna geen lucht meer. - De ouders ontmoeten - , iedere spier in mijn lichaam verzette zich hiertegen. " Leuk", antwoordde ik, want dat leek mij het beste om op dat moment te zeggen. Ik was niet in staat Daan recht in zijn gezich de waarheid te vertellen. Ik was niet in staat om te zeggen dat hij die ouders van hem samen met dat nieuwe behang voor mijn part in zijn reet stak. Dat ik nog helemaal niet toe was aan zulke vastigheden, dat hij een fantastische lul had, maar dat ik me nog niet te veel met toekomst bezig wilde houden. Ik keek in zijn trouwe eerlijke hondenogen en ik kon hem niet recht in zijn gezicht vertellen dat ik het liefst naar huis toe wilde, ik in mijn eigen bed wilde liggen en alleen wilde zijn. Ik wilde geen relatie, ik wilde gewoon een beetje lol met Daan en dan weer verder gaan. "Dat is dan afgesproken", zei Daan. " Zullen we aankomend weekend naar hen toe?" "Dat is prima", loog ik.
Die dinsdagnacht heb ik de hele nacht wakker gelegen. Ik voelde me verstikt en wilde mijn vrijheid terug. Ik wilde weer dat het zo was als voordat ik Daan had ontmoet. Toen ik nog geen nieuw behang hoefde uit te zoeken en al helemaal niet iemand zijn ouders hoefde te ontmoeten. Om drie uur werd het me te veel. Ik checkte of Daan sliep en kroop toen uit bed. Ik trok stilletjes mijn kleren aan en liep geruisloos door de hal naar de voordeur. Op de fiets op weg naar naar mijn eigen kamer dacht ik aan de leuke dingen die Daan en ik hadden gedaan. Alle dingen die we gedaan en gezegd hadden die er niet toededen, alle loze momenten die we verloren in elkaars armen en aan de waarheid.
Er zijn mensen die veel waarde hechten aan eerlijk zijn en aan de waarheid. Er zijn mensen die tegen hun partner eerlijk zouden zeggen dat ze liever niet zijn of haar ouders zouden willen ontmoeten. Ik was bang voor de waarheid. Ik kon nooit goed inschatten waar de waarheid toe zou leiden. Vaak leidde de waarheid tot tranen en gekwetste blikken. Ontkenning, leugen en vermijdingsgedrag waren zaken waar ik me veel vertrouwder mee voelde. En ook dan vielen er slachtoffers. Dat zal ik niet ontkennen. Alleen had ik dan het strijdveld vaak al verlaten, voordat de waarheid tot iedereen doordrong.
Ik heb Daan nooit meer gebeld. Een keer heb ik hem nog in de H&M gezien. Toen ben ik snel een pashokje ingedoken.
Gepost door: op 20-06-2006 om 11:58
Klik hier om de 1 reactie(s) te bekijken.
|
|
17-06-2006 - Mijn oom Het leven kan soms één grote klotezooi zijn. Als je een onvoldoende hebt gehaald op een tentamen. Als je date niet op komt dagen. Als je op een feestje bent maar je verschrikkelijk eenzaam voelt. Het zijn momenten waarop het leven kut is. Het zijn momenten waarop je jezelf afvraagt waarom de dingen zijn zoals ze zijn. Het zijn momenten waarop je vragen hebt en geen antwoorden. Positivos zouden zeggen dat je het heft in eigen handen moet nemen. Zij die in God geloven zouden zeggen dat het de wil van de heer is. Ik zeg op zulke momenten dat het leven gewoon kut is.
Een mooi voorbeeld van zo'n moment was vorige week. Ik zat met vrienden in het zonnetje voor mijn huis. Net toen ik bij mezelf dacht dat het leven te mooi was om waar te zijn, zittend met mijn vrienden in de zon, lachen, rosé, muziek, greep het lot in. Mijn vader belde met de mededeling dat mijn oom een hartstilstand had gekregen. De dokters hadden alles gedaan wat ze konden. Om drie uur hadden ze in overleg met mijn tante de stekker er uit getrokken. Toen mij vader mij dit vertelde verstilde de wereld. Het lachen van mijn vrienden buiten op stoep verdween. De stem van mijn vader aan de telefoon verdween. De muziek van de radio verdween. Het werd stil in mijn hoofd. Mijn oom had een hartaanval gehad.
De begrafenis was in een klein kerkje in het dorp waar mijn tante en oom altijd gewoond hadden. In het zwart stapte ik samen met mijn ouders, mijn zussen en broer de kerk binnen. Mijn hart klopte in mijn keel toen ik mijn tante met haar zoons en dochter zag staan. Het was alsof ik in de spiegel keek toen ik in de ogen van mijn neven en nichten keek. Ze waren niet zoveel anders dan ik alleen waren zij nu zonder vader. Ik kneep even in de hand van mijn vader toen we het gangpad afliepen de kerk in. Dankbaar dat ik mijn vader nog had en verdrietig om anderen die het blijkbaar zonder vader moesten doen.
"Lieverd, het had zo moeten zijn", zei mijn tante tegen me toen ik haar condoleerde. Maar in haar ogen zag ik gemis en geen berusting. De dominee sprak woorden van troost. Hij haalde herinneringen op aan mijn oom. De les die we konden leren was dat we van het leven moeten genieten. Mijn oom was een man die er niet van hield als het te ingewikkeld werd. Hij wou lol maken. Genieten van de mensen om hem heen. Hij hield van dieren en van natuur. "Beestjes doen niet moeilijk", was zijn credo. Het was een lieve man. De dominee beloofde ons als het eind der tijden kwam wij elkaar allemaal weer zouden zien. Ook mijn oom zou daar bij aanwezig zijn. "Het leven is meer dan deze luttele jaren hier op aarde", zei hij. Ik voelde dat ik opstandig werd van deze woorden. Ik wou opstaan en tegen hem roepen dat deze luttele jaren hier op aarde alles is wat we krijgen. Dat we deze luttele jaren hier op aarde niet moeten verminderen tot een opstapje naar de dood. We moeten ze vegroten in onze herinnering. Deze luttele gouden jaren hier op aarde. We moeten ze in een lijstje doen en altijd bij ons dragen. Ik geloofde niet dat ik mijn oom ooit weer zou zien in een leven na de dood. Het was een lieve man en dit was het afscheid.
Toen we de kerk uitliepen motregende het. De hemel was grijs en de straten waren stil. In een stille tocht liepen we achter de kist aan naar de begraafplaats. Twee aangetrouwde nichtjes lazen een gebed voor. De kist werd onder doodse stilte in het graf gelaten. Toen we wegliepen blafte ergens in de verte een hond. Mijn oom hield van beestje. "Beestjes doen niet moeilijk", zei hij altijd.
Gepost door: op 17-06-2006 om 18:10
Klik hier om de 1 reactie(s) te bekijken.
|
|
17-06-2006 - De internetdate deel 3 En daar stond hij dan in de deuropening. "Aardige jongen 26", Frank. Ik schrok me wezenloos. Want Frank zag er helemaal niet uit als een aardige jongen van 26. Hij was compleet naakt en van top tot teen bedekt met haar. Hij was op zijn minst 30 jaar ouder dan 26 en veel zwaarder dan de 67 kilo die hij genoemd had tijdens ons chat gesprek eerder die avond.
"En hoe smaakt de thee", vroeg hij terwijl hij met een halve erectie op de tweepersoonsbank tegenover me ging zitten. "Prima", stamelde ik. Het was even stil op het tikken van de klok na. Ik wist niet goed wat ik moest doen. Het liefst wou ik gillend de deur uitrennen, maar dat leek me onbeleefd. De kop thee stond licht walmend tussen ons in op de scheepskist. "Neem toch een slok", spoorde Frank mij aan. Ik keek naar de thee die onschuldig voor me stond. Toch nam ik niet een slok. Ik had genoeg verhalen gehoord over vrienden van vrienden die 's ochtends ergens in een loods wakker werden met een dildo in hun reet en al hun geld gestolen. Rape drug had een kennis op een feestje aan mij uitgelegd. "Ik ken een jongen die een jongen kent, die eens een colaatje van een kerel kreeg. Drie dagen later werd hij in een greppel wakker met verschrikkelijke pijn in zijn kop en een bloedende reet", had die kennis op dat feestje verteld. Een bloedende reet leek mij geen aanlokkelijk vooruitzicht en Frank zag er uit als iemand die hield van bloederige reten. Hij had zware wenkbrauwen en een nors, bijna kwaad gezicht. Hij probeerde te glimlachen toen ik hem schuchter aankeek, maar daar werd zijn gezicht nog grimmiger van. "Mooie planken heb je op de vloer", mompelde ik om de stilte te doorbreken. "Dank je", zei Frank met een stem die veel vriendelijker klonk dan zijn gezicht zou doen vermoeden. "Zal ik de gordijnen dan maar dicht doen", vroeg hij. "Met wat voor reden", vroeg ik naief. "Nou dat lijkt me duidelijk", zei Frank bijna vaderlijk. "Zou ik eerst nog even naar het toilet kunnen", vroeg ik angstig. "Natuurlijk, eerste deur links". Frank stond op en maakte aanstalten om de gordijnen dicht te doen. Ik liep vlug langs hem heen en ging snel de gang in. Ik haastte me langs de toiletdeur en sprintte naar buiten. Buiten aangekomen rende ik naar mijn fiets die ik met mijn slot aan een boom bevestigd had. Toen ik omkeek zag ik Frank verbaasd voor het raam staan met zijn halve erectie. Plotseling zag hij er niet meer zo vervaarlijk uit. Ik sprong op mijn fiets en fietste met een mengeling opluchting en schuldgevoel naar huis. Voorlopig geen internetdates meer voor mij. Ik besloot de volgende keer maar weer gewoon naar de kroeg te gaan.
Gepost door: rogier op 17-06-2006 om 14:16
|
|
15-06-2006 - De internetdate deel 2 Het huis van Frank was nog helemaal niet zo makkelijk te vinden. Het duurde een half uur voordat ik eindelijk de straat in reed waar zijn doorzonwoning stond. Toen ik aanbelde zag ik dat de voordeur al openstond. "Kom maar vast naar binnen", hoorde ik een stem ergens vanuit het huis. Behoedzaam ging ik naar binnen en deed de voordeur achter me dicht. De hal was smal. Er hing een kitscherige kroonluchter en er stond een antieke secretaire met een boeketje droogbloemen erop. "Ga maar vast naar de zitkamer. Ik kom er zo aan!". De stem kwam van boven. Ik vond de ontvangst uiterst eigenaardig. Toen ik de hal verder in liep hoorde ik de stem roepen: " Tweede deur links!" Ik ging door de tweede deur links en kwam in een kleine zitkamer. Op de grond lagen donkergeverfde planken. Aan de muur hing een bouwtekening van een zeilschip. Het was knus en een beetje muf in de kamer. Midden in de kamer stond een donkerhouten scheepskist die als salontafel dienst deed. Op de scheepskist stond een walmend kopje thee. Ik ging op een leunstoel recht tegenover een tweepersoonszitbank zitten. Ik nam aan dat het kopje thee voor mij was maar iets in me weerhield me er een slok te nemen. Ik wachtte af wat er zou gebeuren. Er gebeurde niets. Het was doodstil in de kleine zitkamer op het tikken van de klok na. Na een minuut of vijf hoorde ik iemand naar beneden stommelen. Mijn hart bonkte in mijn keel. Dat moest Frank zijn. Ik was verschrikkelijk nieuwsgierig maar zenuwachtig tegelijk. Wat als het nu tegenviel. Wat als Frank een verschrikkelijke hork bleek te zijn. Ik hoorde Frank door de hal naar de zitkamer lopen. De zitkamerdeur ging open.
... wordt vervolgd ...
Gepost door: rogier op 15-06-2006 om 23:44
Klik hier om de 1 reactie(s) te bekijken.
|
|
12-06-2006 - De internetdate deel 1 Ik hou niet van alleen uitgaan. Mensen die alleen in die kroeg zitten worden vaak zielig gevonden en voor acoholisten aangezien. En ik wil niet zielig gevonden worden. Toch was ik laatst eenzaam en had behoefte aan een beetje aanspraak en warmte. Dus ging ik het internet op. Een vriend van mij had mij een chatsite aangeraden waar hij de meeste van zijn scharrels oppikte.
Ik mat mezelf een internet alias aan en logde dapper in. In de chatbox scrolde ik langs de lange lijst met namen die er niet om logen. "Horny asian twat", "Geile beer zoekt jonger", "Hete staaf voor jou" en "Geil; neukgat" waren een paar willekeurige voorbeelden.Uiteindelijk besloot ik iemand aan te spreken die zichzelf "Aardige jongen 26" noemde. Niet een erg geile naam, maar het klonk in ieder geval veel beter dan "Poepseks en wie weet meer ...".
Na een tijdje gekletst te hebben over het weer en de oorlog in Irak vroeg "Aardige jongen 26" of ik zin had om iets af te spreken. Ik twijfelde in eerste instantie. Maar toen hij voorstelde om gewoon een kopje jasmijn thee bij hem thuis te drinken ging ik over stag. Wat kon er nu in hemelsnaam misgaan? Ik ging een kopje jasmijn thee drinken bij iemand die zichzelf "Aardige jongen 26" noemde. Onschuldiger kon toch niet?
Ik trok mijn jas aan en ging naar buiten. Ondertussen was het al laat geworden. Het was een heldere nacht. Ik stapte hoopvol op de fiets. Ik was erg nieuwsgierig naar deze "Aardige jongen 26" die eigenlijk Frank heette. We hadden een goed en sympathiek gesprek gehad. Hij had zich geïnteresseerd opgesteld en had zelf ook nog een paar interessante dingen te melden. Verder zei hij dingen als: "Als je zin hebt kan je misschien bij mij in bed komen liggen. We hoeven dan natuurlijk niet meteen te neuken." En alhoewel ik dat eigenlijk wel wou, deed deze uitspraak hem sympathiek en betrouwbaar overkomen.
Ik fietste hoopvol de nacht door. Ik begon steeds harder te trappen. "Aardige jongen 26/ Frank" wachtte op me. Ik was geil en eenzaam en hij wachtte op mij met een kopje jasmijn thee. Ik fietste zo snel als ik kon door de nacht naar Frank en zijn warme kopje thee.
...wordt vervolgd ....
Gepost door: op 12-06-2006 om 23:31
|
|
23-05-2006 - En God strafte meteen. En God strafte meteen. Ik kon natuurlijk niet ongestraft zo verder gaan, dat begrijp ik ook wel.
Het was op een regenachtige dag dat ik Erik ontmoette. Een doodgewone regenachtige klote donderdag. Op mijn stage was ik de hele dag aan het kopiëren en koffie zetten geweest. Twee maanden eerder was ik nog met veel tam tam binnengehaald. Met mijn studie bedrijfskunde en mijn bestuurservaring was ik precies wat ze zochten. Ze hadden een uitdagende opdracht voor me liggen op de p&o afdeling. Het zou gaan om procesverbeteringen. "Wat zijn de lijnen? Wie beslist wat en waarom?" Het waren enkele vragen waar ze antwoorden op zochten. En ze hadden mij daar bij nodig ... hadden ze gezegd. Maar vooralsnog was er van procesverbeteringen nog niet veel terechtgekomen. De drukte van alle dag slokte al mijn tijd op. "Rogier kun je hier nog even een kopietje van maken? Rogier, zou je zo aardig willen zijn om deze brief vanmiddag nog op de post te doen? Rogier, zou jij de klanten uit Frankrijk even kunnen pijpen? En als je toch bezig bent, zou je ook drie koffie kunnen halen?" Mijn naam schalde de hele dag over de afdeling.
Op die doodgewone klotedonderdag had ik het helemaal gehad. Ik had de opdracht gekregen 10 000 000 kopietjes te maken van een uitnodiging voor het eerstvolgende personeelsuitje. Vervolgens moesten alle kopietjes in een envelop, postzegel erop en op de post gedaan worden. Ik vroeg me sterk af hoe het vouwen van enveloppen bijdroeg aan de ontwikkeling van mijn wetenschappelijke kennis die uiteindelijk zou moeten leiden tot een academische graad. Na drie uren vouwen was ik bijna op de helft.
De directeur zat met zijn secretaresse op zijn kantoor, met de deur dicht natuurlijk. "Als er iemand voor me belt moet je maar zeggen dat ik in bespreking ben", had de directeur gezegd. Waarschijnlijk gingen hij en de secretaresse (die het prefereerde als je haar assistant noemde) eens stevig onderhandelen over haar salaris. Als zij zijn ballen eens een grondige inspectie gaf, kon hij misschien nog een gaatje in het budget vinden om haar een fikse bonus te geven. Mooie besprekingen zijn dat. Het leven van een stagiair is niet makkelijk.
's Avonds had ik met Angela afgesproken om mijn ongenoegen weg te drinken met tequila en wodka. Om negen uur zouden we elkaar ontmoeten in Café Orloff, gelegen op één van de leukste plekjes van Utrecht, aldus henzelf. Maar dat kon me op die klotedonderdag even niks schelen. Mijn mineur bereikte een hoogtepunt toen Angela na een half uur nog niet was komen opdagen. Ik belde haar mobiel en kreeg meteen haar voicemail. Na drie kwartier gaf ik het op. Ik had in mijn eentje al een aantal wodka's besteld. Om de tijd de doden. Angela kwam niet meer, dat was duidelijk. Ik wou net opstappen toen er een niet onaardig manspersoon de kroeg binnen kwam waggelen. Duidelijk dronken en overduidelijk eenzaam. Toen hij mij in zijn bedwelmde vizier kreeg werd ik getrakteerd op een vette knipoog. Het manspersoon ging naast me zitten en bleek Erik te heten. Na een half uur doorgelodderd te hebben over het feit dat hij niet gewoon was zomaar een praatje te maken met vreemde mensen in kroegen en andere uitgaansgelegenheden vroeg hij voor de vorm ook maar eens naar mijn naam. "Ben je daar werkelijk in geïnteresseerd", wou ik zijn vraag pareren. Maar ik handelde anders en antwoorde netjes dat mijn naam Rogier was.
"En Rogier", zei Erik terwijl hij me met onvaste blik zwoel probeerde aan te kijken. "En Rogier, heb jij wel eens de lakens gedeelt met een man?" Hij hoefde natuurlijk niet te weten wat ik onlangs allemaal nog in Rimini had uitgespookt. Dus was mijn bescheiden antwoord: "Ik ben eigenlijk wel nieuwsgierig hoe het is met een man". Nog geen minuut later zat ik bij Erik achter op de fiets. De wind blies door mijn haren terwijl we de oude gracht afraceden. Hij bleek een niet onaardig appartement te hebben, dichtbij het centrum. Strak ingericht met hier en daar een paar Ikea invloeden. We gingen vrijwel meteen door naar de slaapkamer. Erik schonk me nog een "laatste drankje" en nog een "laatste drankjes" en nog 10 "laatste drankjes" in en ... toen nam hij me in zijn armen. Ik zal je de details besparen (die ik me vanwege het grote aantal "laatste drankjes" ook niet meer helemaal kan herinneren). Het was goddelijk in ieder geval.
De volgende dag werd ik met een houten kop wakker. Verbaasd over mijn bonkende hoofd probeerde ik op staan. Ik was me niet bewust geweest van het feit dat ik zoveel gedronken had. Toen ik om mij heen keek was het al aan het schemeren in Erik zijn slaapkamer. Erik zelf was nergens te bekennen. Verschrikt keek ik op de wekker. Ik knipperde ongelovig met mijn ogen. De wekker gaf aan dat het vijf uur in de middag was. Ik zocht naarstig naar mijn horloge. Op mijn horloge zag ik eveneens dat het vijf uur 's middags was. Ik had door de hele dag heen geslapen. Toen ik mijn mobieltje pakte zag ik op de display dat ik 10 gemiste oproepen had. Allemaal van mijn stagebedrijf.
Die maandag erop moest ik bij de directeur op het matje komen. Met hangende pootjes hoorde ik zijn tirade aan. Ik mocht blijven, maar het had niet veel gescheeld of ik was er uitgevlogen, aldus de directeur. Die hele week die volgde heb ik enveloppen zitten vouwen. Dat krijg je ervan. Had ik ook maar niet op een donderdagavond met een vreemde kerel mee naar huis moeten gaan om een paar "laatste drankjes" te drinken. Zo had mijn moeder mij niet opgevoed. Als ik als klein kind iets had gedaan wat volgens haar "slecht" of "zondig" was zei ze steevast: "God straft meteen". Dat was dan vervolgens ook steevast het geval. God zijn straffen bestonden uit huisarrest en zonder eten naar bed. Mijn moeder was daarbij zijn trouwste handlanger. Toen ik de zoveelste brief in een envelop stopte sneed ik me venijnig aan het papier. Het papier kleurde rood en ik hoorde mijn moeders stem ergens in mijn achterhoofd: "God straft meteen".
Gepost door: op 23-05-2006 om 23:04
|
|
22-05-2006 - Be careful what you wish for .... Zaterdagavond, met een vette keelontsteking op de bank. Zielig in mijn eentje zat ik het songfestival te kijken. Dekentje, glaasje wijn erbij en vanwege de keelontsteking menthol sigaretten in plaats van gewone. Ik had mezelf voorgenomen eens gezellig met mijzelf een avondje ziek te zijn.
Maandag begon het al, toen ik een venijnig hoestje ontwikkelde. Naarmate de week vorderde kreeg ik steeds meer moeite om uit bed te komen. Tegen de tijd dat het vrijdagmiddag was en ik op mijn stagebedrijf zwetend voor de computer een mail probeerde te ontcijferen van mijn stagebegeleidster realiseerde ik me dat ik me beter ziek had kunnen melden. Maar ik zette door en haalde het einde van de dag. Met een misplaatst gevoel van trots over het feit dat ik het eind van de week had gehaald zonder me ziek te melden zat ik half hallucinerend van de koorts in de bus naar huis.
Ik liep nog maar twee maanden stage, maar had het al gepresteerd om me drie keer ziek te melden. Alle drie keer op een maandag. De eerste keer omdat ik te lang had doorgehaald op een feestje waar ik via via terecht was gekomen en ik in mijn eentje bij de drank tafel Gin Tonics aan het wegtikken was. De tweede keer omdat ik om twee uur 's middags wakker werd naast iemand waarvan ik geen idee had waar ik hem van kende. De derde keer omdat ik gewoon geen zin had. Ik moest nog vier maanden stage lopen en was vastbesloten me niet voor de vierde keer ziek te melden. Het was een ambitieus doel, dat wel.
En nu zat ik in mijn eentje op zaterdagavond het songfestival te kijken. Ik dacht even dat ik nog steeds hallucineerde van de koorts toen ik het monsteroptreden van Finland zag. Ik wou mezelf nog een glas wijn inschenken maar kwam tot de ontdekking dat ik de hele fles rosé reeds soldaat had gemaakt. Eenzaam, dronken en ziek zat ik op de bank terwijl de monsters van Finland hun horror lied mijn studentenkamertje in rochelden. Ik vond het leven kut en wou dood. Je moet weten, een zaterdagavond niet stappen, is in mijn boekje een zaterdagavond niet geleefd.
Ik stak nog een menthol sigaret op. De sigaret brandde mijn keel. Maar de behoefte aan roken was sterker dan de pijn. Verslavingen kunnen zo hardnekkig zijn. Ik deed de tv uit en besloot een boek te lezen. Ik wou niet mijn hele avond verspillen voor de tv. Het lezen van een boek leek me een nuttige tijdsbesteding. Eindelijk tijd om weer eens verder te gaan in Anna Karenina. Om een volwaardig lid te zijn van de maatschappij vond ik het noodzakelijk om Tolstoi gelezen te hebben. Ik had het boek vorig jaar met kerst gekregen en was er nu al ongeveer vijf maanden in bezig. Ik was nog niet verder gekomen dan bladzijde dertig.
Maar ik kon me niet concentreren. Het was zaterdagavond en ik lag op de bank een boek te lezen. Ik sloeg het boek dicht. Ik kon het niet uitstaan dat heel Utrecht aan het feesten was terwijl. ik met die snol, Anna Karenina, zat opgescheept. Ik besloot me niet te laten kisten door een kleine keelontsteking. Een kop koffie later stapte ik met twee dikke vegen concealer onder mijn ogen de deur uit. Het begon meteen te spoelen van de regen. In Tivoli was een groot homofeest: het Pann feest. Na een uur in de rij te hebben gestaan was ik eindelijk binnen. Ik stevende meteen op de bar af en bestelde een halve liter bier. Rond twee uur 's nachts stond ik op het podium te hossen met mijn nieuwe beste vriendin Shanuiqua. Ze kwam uit Amerika, was exchange student en had drugs bij zich. De rest van de avond is een vage brei.
Met een smaak alsof er iets was gestorven in mijn mond werd ik zondagochtend wakker in een vreemd bed in een onbekende kamer. Shanuiqa lag geheel ontkleed naast me lichtjes te snurken. Geschrokken sprong ik uit bed. Vrijwel meteen schoot er een scherpe pijn door mijn hoofd. Ik wist me uiteindelijk aan te kleden en spurtte de kamer van Shanuiqa uit. Ik hoopte vurig dat ik geen seks met haar had gehad. De laatste keer dat ik seks met een meisje heb gehad was ik vijftien en kwam ik er voor eens en voor altijd achter dat ik toch echt homo ben. Thuisgekomen voelde ik me belabberder dan ooit. De avond ervoor wou ik nog dood. Nu voelde het alsof ik werkelijk aan het doodgaan was.
Gepost door: op 22-05-2006 om 00:08
Klik hier om de 1 reactie(s) te bekijken.
|
|
|